vrijdag 12 oktober 2012

Dag 14: naar Palmwag Lodge


De C43 naar Palmwag voerde door de bergen, roodbruin of zwartgrijs of zelfs zanderig, al naar gelang het soort steen. Een prachtig landschap om doorheen te rijden, maar we moesten wel continu de aandacht ook bij de weg houden, want die was erg slecht. Scherpe stenen, ribbels en kuilen maakten het vooral in bochten en op hellingen nodig om langzaam te rijden. Als je teveel onder de 60 rijdt voel je iedere hobbel en dat is absoluut niet prettig, maar boven de 60 vonden we al snel teveel. 




Een passant die durft.





Ergens onderweg troffen we een truck aan in de berm met een paar zwaaiende lokalen ernaast en de rest in de auto en laadbak. Helemaal volgestouwd die auto en dat leverde een kleurrijk plaatje op, omdat het vrijwel allemaal vrouwen in de prachtige Herero-dracht waren. Het groen, geel en blauw schitterde ons tegemoet, maar omdat ze daar heel zielig zonder benzine stonden heb ik maar geen foto van hen genomen. Dat zou vast niet aardig overgekomen zijn. Ze smeekten ons om twee van hen mee te nemen naar het volgende dorp zo'n 6 km verderop, zodat ze daar benzine konden halen. (Daarvoor hadden ze een 5 liter waterfles in de hand....) Het wordt altijd overal afgeraden, maar wij hadden een laadbak zonder toegang tot onze cabine, dus wat kon het nu kwaad? Je kunt die mensen toch ook niet laten stikken, er komt hier bijna niemand langs. Dus een man en jonge vrouw achterin. 
Een paar kilometer was een toeristenauto met veel ernstiger pech: hij stond wel op de wielen, maar gezien de volledig kapotte voorruit en losse onderdelen in de berm, moet deze auto over de kop geslagen zijn. De bestuurder stond er wat wezenloos naast met licht hoofdletsel. In de auto zat een vrouw. Of hij de conditie van de weg onderschat heeft en te snel heeft gereden, of door een steen door de voorruit of lekgeslagen banden (2 stuks), wist hij zelf niet. Hij verkeerde nog half in een soort shock en er viel weinig zinnigs uit te krijgen of te doen. Blijkbaar was er echter in het dorp al alarm geslagen, want er kwamen lokale mensen om hen te helpen. Daarop hebben wij de tocht maar voortgezet. 
Het was een extra waarschuwing om deze wegen met beleid te rijden, al moet ik erbij zeggen dat dit wel de slechtste weg was die we in heel Namibië zijn tegengekomen.
Onze achterbakgasten hebben we veilig kunnen afzetten bij hun dorp. 

Ah: water! Dus veel groen en natuurlijk een dorp en dieren als koedoes en bavianen. Het is hier zo mooi!






Voor Palmwag moesten we linksaf slaan naar Sesfontein. Vlak voor de afslag kruisten we de stroom waaraan ook Palmwag Lodge ligt. Ik ben nog even teruggelopen voor wat foto's. het was er mooi en ik had ezels en vogels gezien.....





en zo kwam ik ook deze prachtige hagedis tegen.


het zoontje van de Palmwag Lodge gatekeeper

De toegang tot het Palmwaggebied is tevens het "disease control point" voor vee en andere levende have om te voorkomen dat ziektes als mond- en klauwzeer e.d. van noord naar zuid worden overgebracht. In Damaraland tref je geen afrastering langs de wegen aan, omdat het community gebied is waar mensen en dieren vrij kunnen rondtrekken, maar een uitzondering daarop vormt een quarantainegebied, waar vee dat naar het zuiden wordt vervoerd gedurende een bepaalde tijd moet verblijven, zo zouden we de volgende dag leren. 


Het was rond kwart voor vier dat we incheckten en daarna hebben we bij de bar bij het zwembad nog een lunchhapje besteld, dat we heerlijk in het zonnetje ter plekke hebben genuttigd terwijl we vermaakt werden door eekhoorntjes en hagedisjes.



Onze hut lag op het centrale pleintje en was eenvoudig, maar bood alles wat we nodig hadden en kleurt hier warm in de namiddagzon. Overal in de palmen en andere bomen, maar vooral ook in en rond het riet, wemelde het van de vogels: buulbuuls, wevers, lovebirds, spreeuwen......
Leuk plekje, dus!



                                                                                         Ga mee op excursie naar de Himba

Geen opmerkingen: